| Een jonge zakenman ontdekt zijn homoseksualiteit. Een duivelse psychiater leidt een praatgroepje voor verlaten mannen, een oude vrouw bezoekt het graf van haar echtgenoot. De personages in de verhalen van Wojciech Kuczok staan allemaal op een grnes, de grens tussen leven en dood, tussen slapen en waken, tussen de ene en de andere werkelijkheid. Zijn verhalen gaan ook over het verlangen om een te worden met een ander, met de geliefde. En over de onmogelijkheid daarvan.
Wojciech Kuczok (1972) is een van de grootste jonge schrijvers van Polen. Zijn debuutroman Gnoj (Beerput) werd in 2004 onderscheiden met de NIKE-prijs, de belangrijkste literatuurprijs van Polen. Het boek won tevens de publieksprijs en er werden in Polen meer dan 130 000 exemplaren van verkocht.
In dit tweede werk (Schimmering) van het Poolse toptalent is elk verhaal een diepgaande psychologische en linguïstische studie. Op onnavolgbare wijze verbindt Kuczok het groteske en het parodistische met lyriek en melancholie.
Over Beerput:
"Kuczok heeft alle sentimentaliteit uit zijn zinnen gescreven, en zoveel werk dat dat gekost moet hebben, zo effectief is dat ook: de spuug zit in je haar, de striemen lopen over je rug.' - Michael Zeeman in de Volkrant 'In zijn eerste grote roman etaleert Kuczok zijn talent op een elegante, onnadrukkelijke manier.' - De Standaard
'Is het verhaal van Beerput intriest, toch is de taal licht en poëtisch. Kuczok schudt meesterlijk het ene beeld na het andere uit de pen.' - De Morgen
|